Het moet veiliger op de Insulindeweg
Elke dag als ik naar school ga moet ik de Insulindeweg oversteken , en als ik dat doe voel ik me onveilig. Ik wil dat daar stoplichten komen. Daarom ben ik gaan praten met Justus Vermeulen en Daniel van Motman,die werken op de afdeling vergunningen van stadsdeel Zeeburg, en met Arjen Akkermans, de wijkagent in Zeeburg. De mensen van het stadsdeel houden zich bezig met het verkeer als er dingen op de weg gebeuren, bijvoorbeeld als iemand een container op de weg wil zetten, of als iemand een zebrapad wil. De wijkagent is een soort kleine politieburgemeester in de wijk, en houdt in de gaten wat er allemaal gebeurt in de buurt.
Volgens Arjen Akkermans hoeft de Insulindeweg voor kinderen niet gevaarlijker te zijn dan voor volwassenen, als kinderen maar goed opletten. Dus bij het oversteken, eerst naar links, dan naar rechts en nog een keer naar links kijken. Maar wat het wel vaak is met kinderen, die hebben vaak haast, of zijn aan het voetballen, of willen even snel naar de overkant en nemen dan vaak niet de tijd om goed naar links en naar rechts te kijken. Ook Justus Vermeulen denkt dat het niet gevaarlijker hoeft te zijn voor kinderen. Maar, zo zegt hij: "kinderen zijn wel sneller afgeleid en er zijn scholen aan allebei de kanten van de weg, dus er zijn veel kinderen die daar moet oversteken. Daardoor kunnen wel gevaarlijke situaties ontstaan."
De wijkagent zegt dat hij bijna elke dag wel mensen hoort mopperen dat er te snel wordt gereden. Maar als je met meetapparatuur gaat staan, blijkt dat de meeste mensen niet harder dan 50 km rijden. Maar op de gevaarlijke punten, zoals zebrapaden, is 50 km eigenlijk te snel. "Officieel mag je daar dus 50, maar het is niet verstandig om echt 50 te rijden daar, omdat als er iemand plotseling oversteekt, je snel moet kunnen reageren. Als je 50 rijdt, vooral als het regent, en het een beetje glad is, lukt dat soms niet op tijd," vindt Arjen.
Vooral
kinderen vinden dat er meer stoplichten moeten komen op de Insulindeweg. Is
Justus Vermeulen van de gemeente het daarmee eens? "Ik vindt het moeilijk
om daar een keuze in te maken," zegt hij. "Het is namelijk ook belangrijk
dat er een goede grote weg is waarover de auto's de wijk snel kunnen verlaten
en dat ze niet te lang in de wijk blijven steken. Maar ik denk dat er met
name bij de voetgangersoversteekplaatsen wel eens gekeken kan worden of daar
misschien extra stoplichten kunnen komen. Maar het blijft lastig". Daniel
van Motman vult Justus aan. Hij vindt dat als je veel stoplichten neerzet,
je soms ook een schijnveiligheid creëert. De mensen denken dat ze niet
meer hoeven op te letten omdat er stoplichten zijn. Terwijl het een gevaarlijke
situatie is in het verkeer.
Arjen denkt dat mensen die voor een stoplicht hebben moeten wachten, die tijd
weer willen inhalen, en het stuk daarna juist extra hard gaan rijden. Ook
om bij het volgende stoplicht weer groen licht te hebben. Bijvoorbeeld als
ze in de verte het licht op groen zien staan, dat ze dan extra gas gaan geven
om nog op tijd bij het stoplicht te zijn. Dus het hoeft niet altijd veiliger
te zijn met stoplichten. Ook zie je in straten waar drempels zijn aangelegd
dat auto's remmen op over de drempel te komen, maar het stuk naar de volgende
drempel juist extra hard rijden. Het stuk tussen de drempels is dan juist
extra gevaarlijk. Dus drempels hoeven ook niet altijd een goede oplossing
te zijn.
Stoplichten
zijn ook niet de enige manier om een straat veiliger te maken. Je kunt ook
denken aan andere middelen, zoals waarschuwingsborden, voetgangersoversteekplaatsen,
zodat de automobilisten daar rekening kan houden met voetgangers. Dat zou
ook een van de maatregelen kunnen om de automobilisten minder hard te laten
rijden. Waarom er nu geen nog geen stoplicht is, heeft ook te maken met de
verkeersintensiteit vertelt Justus. Pas vanaf een bepaalde hoeveelheid verkeersbewegingen
op een plaats worden stoplichten geplaatst. Dus eigenlijk is het te rustig
op de Insulindeweg om er stoplichten neer te zetten.
![]() |
| Terwijl wij onze eerste vraag erbij pakken, kijken Daniel, Justus en Arjen zenuwachtig toe. Altijd spannend zo'n interview, niet alleen voor ons... (foto: Sultan) |
Grote mensen en kinderen kunnen ook zelf iets doen om het veiliger te maken. Justus: "Als allerbelangrijkste: goed opletten. Want het verkeer zal altijd gevaarlijk blijven. Met een auto kun je altijd iemand dood rijden, dus je moet altijd goed uitkijken." En uitkijken met oversteken, maar ook wanneer je gaat fietsen. Niet plotseling naar links of rechts afslaan, zonder te kijken. Vaak gaat het wel goed omdat mensen rekening houden met elkaars fouten. Maar dat is natuurlijk niet zoals het hoort. Soms zie je een fietser bijvoorbeeld aan de verkeerde kant van de weg fietsen en die verwacht dan dat een auto wel aan de kant gaat, maar eigenlijk is dat hartstikke dom. En Arjen besluit: "Ook licht op je fiets is heel belangrijk. Als je een ongeluk krijgt terwijl je geen licht op je fiets hebt, en je komt in het ziekenhuis te liggen, dan kan het zijn dat jij de schuld krijgt van het ongeluk en dat de verzekering je dure ziekenhuisrekeningen niet betaalt. Alleen daarom al is het belangrijk om licht op je fiets te hebben!"
Het verkeer blijft natuurlijk oppassen...