Wij zijn van oorsprong geen Turkse mensen, maar Cirkassiers. Ons volk leeft nog altijd ver weg in de Kaukasus. Mijn opa was het die vanuit de bergen naar Turkije trok. Wij leefden in een dorp, ergens midden in Turkije. Mijn vader en moeder hadden zeven kinderen. Ik Necati, ben nummer drie !
Wij hadden veel vee op de boerderij: koeien, schapen en paarden. Mijn taak was het om voor de dieren te zorgen. Wat ik heel fijn vond om r samen met mijn vader op uit te trekken. Dan reisden we samen met paard en wagen naar andere steden en dorpen om de markten te bezoeken. Soms ging mijn vader echt ver weg. Ik wilde mee, maar was nog te klein. Dan leidde mijn moeder mij af, zodat mijn vader aan de achterkant van het huis
Kon wegrijden. “Necati, kom kijken er zijn lammetjes geboren !”
“Oo wat schattig !”… “Waar is papa? “ Vader is al weg. Ik was dan zo verdrietig….
Toen ik ouder was geworden (15 jaar) had ik een echte vriendenclub. Ik was de leider van de groep. Zij noemden mij Amigo, dat betekent “vriend”. . Wij volleybalden. Wij voetbalden. Ik had echt plezier in het leven. Ik vond alles wel leuk om te doen. Ook het leren op school. Ik kon makkelijk leren. Eens kwam de leraar thuis bij ons om te vragen of ik mocht doorleren op de grote school in de stad. “Hij is intelligent”, zei de leraar.
Maar mijn vader vond het niet goed. Hij had al een zoon die studeerde. Hij had mij nodig op de boerderij om voor de dieren te zorgen.
Eens had ik de dieren in de schuur opgesloten, maar ik was vergeten om ze te eten te geven. Ik had namelijk een voetbalwedstrijd geregeld tegen het andere dorp. Toen ik die avond laat thuis kwam, was het al donker en het regende,
maar, ik was erg tevreden, want ik had drie doelpunten gescoord. Mijn vader stond mij op te wachten bij de schuur, hij had een stok in zijn hand. Nog nooit had ik hem zó kwaad gezien. Mijn vader sloeg ons nooit, hij was wel streng maar had vaak aan één blik al genoeg om ons tot de orde te roepen.
Die avond echter, schreeuwde hij naar mij, waar ik was geweest en van schrik viel ik achterover, in de modder.
Die avond kreeg ik van mijn vader een klap op mijn achterste, het was de éérste en de laatste keer, dat mijn vader mij sloeg maar ik zal het nooit vergeten.
|